Ingediend | 2 juni 2015 |
---|---|
Beantwoord | 30 juni 2015 (na 28 dagen) |
Indieners | Fleur Agema (PVV), Machiel de Graaf (PVV) |
Beantwoord door | Martin van Rijn (staatssecretaris volksgezondheid, welzijn en sport) (PvdA), Lodewijk Asscher (viceminister-president , minister sociale zaken en werkgelegenheid) (PvdA) |
Onderwerpen | cultuur en recreatie media religie |
Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2015Z10057.html |
Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20142015-2805.html |
Ja.
Beslissingen over kinderen die in pleeggezinnen worden geplaatst, worden zorgvuldig genomen. Een gedwongen uithuisplaatsing van een kind is een beslissing van de kinderrechter.
Gezien de vaak heftige geschiedenis en de onveilige hechtingservaringen van pleegkinderen is het van belang dat zij opgroeien in een omgeving waarin zij zich veilig kunnen hechten.
Pleegouders, zoals bedoeld in de Wet op de jeugdzorg, moeten een maximaal negen maanden durend voorbereidings- en screeningstraject afleggen. In dit traject wordt door de pleegzorgaanbieder beoordeeld of de aspirant-pleegouder geschikt is. Zo moet er voor hen een Verklaring van Geen Bezwaar worden afgegeven door de Raad voor de Kinderbescherming. Met dit uitgebreid voorbereidings- en screeningstraject wordt gewaarborgd dat alleen geschikte pleegouders pleegkinderen in een gezin kunnen opvangen.
In de Jeugdwet is geregeld dat jeugdzorginstanties uit dienen te gaan van de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van het kind en zijn biologische ouders. Op deze wijze wordt verzekerd dat pleegkinderen optimaal kans hebben op geschikte pleegouders die zowel oog hebben voor hun culturele en religieuze identiteit als voor een goede participatie in de samenleving. Sommige bevolkingsgroepen zijn echter ondervertegenwoordigd in het bestand aan pleegouders. Er zijn daarom meerdere landelijke pleegzorgcampagnes geweest voor het vergroten van de bekendheid van pleegouderschap, waarin onder meer is gefocust op het verbreden van het aanbod van pleegouders met betrekking tot godsdienstige gezindheid, levensovertuiging en culturele achtergrond. Er wordt dus op verschillende manieren bijgedragen aan het vergroten van de diversiteit van het aanbod van pleegouders, opdat de Jeugdwet in de praktijk zo goed mogelijk kan worden toegepast.
In dit antwoord heb ik mijn inhoudelijke reactie op deze kwestie gegeven. Verder is het niet aan mij om een oordeel te hebben over de interpretatie van een reclamespotje van de Stichting Moslimpleegkind.
Zie antwoord vraag 2.
Zie antwoord vraag 2.
Hierbij bericht ik u, mede namens de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, dat de Kamervragen van de leden Agema (PVV) en De Graaf (PVV) over het reclamespotje van Stichting Moslimpleegkind (2015Z10057) niet binnen de gebruikelijke termijn van drie weken kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie ontvangen is. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.