Ontvangen 21 februari 2025
De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:
Na artikel I, onderdeel A, wordt een onderdeel ingevoegd, luidende:
Aa
Na artikel 15 wordt een artikel ingevoegd, luidende:
1. Een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 14 onder een beperking verband houdend met verblijf als houder van de Europese blauwe kaart, wordt afgewezen indien de vreemdeling arbeid wil gaan verrichten in een functie waarvan niet bij of krachtens algemene maatregel van bestuur is vastgesteld dat daarvoor een structureel arbeidstekort op de Nederlandse arbeidsmarkt is, of die zal worden uitgevoerd krachtens een arbeidsovereenkomst waarbij de vreemdeling door de werkgever in het kader van de uitoefening van het beroep of bedrijf van de werkgever ter beschikking wordt gesteld van een derde om krachtens en door deze aan de werkgever verstrekte opdracht arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de derde.
2. Het ontwerp van een krachtens het eerste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt aan de beide Kamers der Staten-Generaal overgelegd. De voordracht voor de vast te stellen algemene maatregel van bestuur kan worden gedaan nadat vier weken na de overlegging zijn verstreken, tenzij binnen die termijn door of namens een der Kamers of door ten minste een vijfde van het grondwettelijk aantal leden van een der Kamers de wens te kennen wordt gegeven dat het onderwerp van de algemene maatregel van bestuur bij wet wordt geregeld. In dat geval wordt een daartoe strekkend voorstel van wet zo spoedig mogelijk ingediend.
Dit amendement beperkt de uitgifte van de Europese blauwe kaart tot functies in sectoren waar een aantoonbaar tekort aan arbeidskrachten bestaat, waarbij deze functies worden vastgesteld door de Minister bij of krachtens een AMvB (die vooraf bij de beide Kamers moet worden voorgehangen met de mogelijkheid voor (een vijfde van het grondwettelijk aantal leden van) de Kamers om regeling bij wet te eisen). De blauwe kaart mag geen generiek toegangsinstrument worden voor arbeidsmigratie, maar moet zich richten op functies in sectoren met structurele tekorten. Dit kunnen bovendien geen functies zijn waarbij de werknemer ter beschikking wordt gesteld, via bijvoorbeeld een uitzendbureau. De werknemer dient dus een rechtstreeks dienstverband te hebben met de materieel werkgever. Dit amendement verplicht de regering om per AMvB aan te wijzen welke sectoren daadwerkelijk een aanvulling vanuit derde landen nodig hebben. Dit voorkomt dat de regeling wordt misbruikt voor oneigenlijke concurrentie op de arbeidsmarkt en zorgt ervoor dat de Europese blauwe kaart uitsluitend wordt ingezet waar Nederlandse en EU-arbeidskrachten niet voorhanden zijn.
Dit amendement gebruikt de mogelijkheid geboden in de richtlijn onder artikel 7, lid 2, punt a.
Omtzigt Patijn Van Nispen Ceder