Ingediend | 3 mei 2024 |
---|---|
Beantwoord | 12 juli 2024 (na 70 dagen) |
Indiener | Sarah Dobbe |
Beantwoord door | Liesje Schreinemacher (minister zonder portefeuille buitenlandse zaken) (VVD) |
Onderwerpen | bestuur economie financiën handel organisatie en beleid parlement |
Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2024Z07787.html |
Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20232024-2154.html |
Ja.
De vraag of een individueel bedrijf al dan niet in strijd met de geldende sanctiemaatregelen handelt is uiteindelijk aan de rechter. Het is bovendien niet mogelijk om op basis van mediaberichtgeving te beoordelen of een bedrijf in overtreding is van sanctieregels. Daarvoor is meer en specifieke informatie nodig. Los daarvan kan het kabinet in het openbaar ook niet ingaan op individuele gevallen. In zijn algemeenheid geldt dat indien er signalen zijn van overtreding van sancties, dat hier onderzoek naar wordt gedaan en waar nodig handhavend wordt opgetreden.
In het algemeen geldt dat betalingen vanuit Rusland naar Nederland nog steeds mogelijk zijn, zolang deze niet in strijd zijn met de sancties. Of dat in dit geval zo is, is niet aan het kabinet om te beoordelen, zoals ook aangegeven bij de beantwoording van vraag 2.
Het is staande praktijk dat er geen uitspraken worden gedaan over individuele zaken. Bij signalen van overtredingen kunnen betrokken handhavende autoriteiten zorgvuldig onderzoek doen naar de feiten en omstandigheden. In het geval van overtredingen is het aan het Openbaar Ministerie om te besluiten over de vervolging van een verdachte en daarbij een strafeis te formuleren. Daarna is het aan de rechter om te oordelen over de schuldigverklaring en bij een schuldigverklaring over de op te leggen sanctie. In die onafhankelijke oordeelsvorming en verantwoordelijkheden van de officier van justitie en rechter is er geen rol voor het kabinet weggelegd.
In zijn algemeenheid wordt met de Kamer geen informatie gedeeld over individuele handhavingszaken. Wel kunnen trends in handhavingsbeleid worden aangegeven. Binnenkort wordt uw Kamer geïnformeerd over het totaal aantal lopende strafrechtelijke onderzoeken op sanctiegebied.
Het is aan de rechter om te bepalen of er hier sprake is van schending van sanctiemaatregelen. Het overtreden van sanctieregels is een economisch delict. Daarop staat een geldboete van maximaal 1.030.000 euro en/of maximaal 6 jaar gevangenisstraf. Daarnaast kan vermogen dat door schending van de sanctiemaatregelen is verkregen worden afgepakt.
Mits bedrijven voldoen aan de actuele sanctieregelgeving, kunnen zij in beginsel zaken doen in Rusland. In die context acht het kabinet een dergelijk onderzoek niet opportuun. Overigens is eerder door de nationaal coördinator sanctienaleving en handhaving vastgesteld dat er veel goed gaat bij de naleving van sancties in Nederland. De gedane aanbevelingen zijn inmiddels geïmplementeerd. Een deel daarvan wordt meegenomen in de Wet internationale sanctiemaatregelen die 7 juni jl. in consultatie is gegaan. Relevante toezichthouders zoals het AFM, DNB, FIU en de Douane geven jaarlijks in hun jaarverslag een weergave van de sanctienaleving in Nederland. Ook hieruit rijst niet het beeld dat de naleving niet op orde zou zijn. Op verzoek van uw Kamer ontvangt u binnenkort een bredere brief van de Minister van Buitenlandse Zaken over het sanctiebeleid.
Momenteel wordt er op verzoek vanuit uw Kamer een commissiedebat ingepland met de Minister van Buitenlandse Zaken waarin gesproken kan worden over sancties en de naleving daarvan.
De schriftelijke vragen van het lid Dobbe (SP) over het bericht dat Unilever nog steeds tientallen miljoenen verdient aan Rusland met kenmerk 2024Z07787 kunnen met het oog op een zorgvuldige en volledige beantwoording niet binnen de gebruikelijke termijn worden beantwoord. Het streven is de antwoorden zo spoedig mogelijk aan uw Kamer te sturen.