Gepubliceerd: 7 oktober 2024
Indiener(s): Eddy van Hijum (CDA)
Onderwerpen: belasting financiƫn
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36154-20.html
ID: 36154-20
Origineel: 36154-2

Nr. 20 TWEEDE NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 7 oktober 2024

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

I

Artikel I, onderdeel C, wordt als volgt gewijzigd:

1. Na «Artikel III komt te luiden:» worden een opschrift en aanhef ingevoegd, luidende:

ARTIKEL III. WIJZIGING VAN DE WET OP HET FINANCIEEL TOEZICHT

De Wet op het financieel toezicht wordt als volgt gewijzigd:

2. De aanhef van onderdeel A komt te luiden:

Na paragraaf 4.3.1.5 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:

II

In de tweede zin van het in artikel I, onderdeel D, onder 2, opgenomen elfde lid, wordt «de artikelen» vervangen door «artikel» en vervalt «of 3.126a, vierde lid, aanhef en onderdeel a, onder 1°, 2° of 3°,».

III

In artikel II wordt «artikel I, onderdeel D, onder 1,» vervangen door «artikel I, onderdeel D, onder 1, van deze wet».

Toelichting

De in deze nota van wijziging opgenomen wijzigingen zijn uitsluitend bedoeld om het wetsvoorstel wetstechnisch te verbeteren.

Artikelsgewijs

Onderdeel I

Abusievelijk was in de voorgestelde wijziging van artikel III van de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen het opschrift van het artikel weggevallen, en klopte de aanhef wetstechnisch niet.

Onderdeel II

De voorgestelde aanpassing van artikel I, onderdeel D, tweede zin, betreft een technische aanpassing. Een lijfrente als bedoeld in artikel 3.126a, vierde lid, aanhef en onderdeel a, onder 1°, 2° of 3°, Wet IB 2001 kan niet zijn ondergebracht bij een verzekeraar als bedoeld in 3.126, eerste lid, onderdeel a, onder 2°, Wet IB 2001. Deze verwijzing is dan ook onjuist. Voorgesteld wordt deze verwijzing te laten vervallen.

Onderdeel III

In de indexatiebepaling, opgenomen in artikel II, was niet zonder meer duidelijk dat het ging om de indexatie van het bedrag, opgenomen in de voorliggende wijzigingswet (in artikel I, onderdeel D, onder 1).

De Minister voor Van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Y.J. Van Hijum