Ingediend | 15 juli 2019 |
---|---|
Beantwoord | 4 september 2019 (na 51 dagen) |
Indiener | Judith Tielen (VVD) |
Beantwoord door | Ingrid van Engelshoven (minister onderwijs, cultuur en wetenschap) (D66) |
Onderwerpen | hoger onderwijs onderwijs en wetenschap |
Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2019Z15129.html |
Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20182019-3840.html |
Dat klopt. Het onderzoek had tot doel inzicht te geven in de voorwaarden en criteria waaronder het bindend studieadvies (bsa) wordt uitgevoerd en de factoren die van invloed zijn op de werking van het bsa. Het is daarmee nooit bedoeld als kwantitatief onderzoek. Dit onderzoek had tot doel om een beeld te geven van de werking van het bindend studieadvies in de praktijk en instellingen handvatten te bieden om deze – waar nodig – te versterken.
Zie vraag 3.
Ik constateer dat veel hogescholen en universiteiten gebruik maken van het bindend studieadvies en dat de bsa-norm sinds de invoering van het bsa steeds verder is verhoogd. Dat concludeer ik onder andere op basis van onderzoek van de Onderwijsraad en de Inspectie van het Onderwijs3, maar dit blijkt ook uit de gesprekken die ik hierover met het onderwijsveld heb gevoerd.
Er is in de database van Studiekeuze123 geen overzicht van de hoogte van de BSA-norm beschikbaar over de afgelopen 5 jaar. Wel zal in de monitor beleidsmaatregelen 2018–2019 aandacht besteed worden aan de hoogte van de bsa-norm. Deze monitor wordt binnenkort aan uw Kamer aangeboden. De hoogte van de bsa-norm zal ook de komende jaren via deze monitor worden gevolgd.
Bijgaand stuur ik u een recent overzicht uit de database van Studiekeuze1236.
De informatie over het bsa wordt aangeleverd door de onderwijsinstellingen zelf. Daarom houdt Studiekeuze123 een slag om de arm wat betreft de correctheid en actualiteit van de informatie, al bleek uit een controle eerder dit jaar dat de inhoud grotendeels actueel en correct is.
Er wordt niet centraal geregistreerd hoeveel studenten aan de gestelde bsa-norm hebben voldaan.
Uit de Monitor beleidsmaatregelen 2017–2018 bleek dat ca. 20% van de uitgevallen of geswitchte studenten een negatief bindend studieadvies aangaf als reden voor het stoppen met hun opleiding.
Onder onterecht afgewezen studenten versta ik studenten die het niveau van de opleiding wel aankunnen, maar bijvoorbeeld doordat zij moeten wennen aan het studeren in het eerste jaar onvoldoende studiepunten halen. Ik heb het onderzoek naar studenten met een negatief bsa7 dat afgelopen jaar uitkwam met veel belangstelling gelezen. Daaruit bleek dat een groot deel van de studenten na een negatief bsa dezelfde of een vergelijkbare opleiding aan een andere instelling gaan volgen. Als deze studenten daar vervolgens wel met succes de opleiding afronden, dan vind ik dat onnodig rondpompen van studenten en het lijkt me belangrijk dat universiteiten en hogescholen maatregelen nemen om dit te voorkomen. Om meer inzicht te krijgen in de omvang van deze groep studenten heb ik het NRO gevraagd of er een landelijk vervolg kan komen op dit onderzoek. Dit onderzoek start in september 2019. Ik verwacht de uitkomsten rond de zomer 2020.
Dit onderzoek kostte 47.778 euro (exclusief btw).
Dit onderzoek geeft mijn inziens een goed beeld van de werking van het bindend studieadvies in de praktijk. De casestudies leveren hieraan een belangrijke bijdrage. Het onderzoek als geheel laat zien hoe de positieve effecten van het bindend studieadvies benut en versterkt kunnen worden. En hoe de negatieve effecten zoveel mogelijk beperkt kunnen worden. Hogescholen en universiteiten kunnen dit onderzoek daarmee gebruiken om de werking van het bsa waar nodig te versterken.