Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 10 september 2024
Hierbij deel ik u mede dat bij de verdediging van bovengenoemd voorstel van wet de plaatsen van de leden Kahraman en Tuinman in het vervolg worden ingenomen door de leden Olger van Dijk en Helder.
D. van Dijk